Studenten en soft power
Een paar weken geleden kon ik mijn cursus aan de Universiteit Leiden weer met een tevreden gevoel afsluiten. Ik geef daar het vak ‘European Armed Forces and Societies’ aan derdejaars bachelorstudenten aan de Faculteit Sociale Wetenschappen. Het is meestal een groep van zo’n dertig studenten die zich willen verdiepen in de strategische cultuur van West-Europese landen. Ze doorlopen deels vaste collegestof, maar er is ook alle ruimte om actuele ontwikkelingen te koppelen aan de theorie. Oekraïne/Rusland en Israël/Hamas: ampel stof om door te denken.
Er zat dit jaar een Oekraïense student in de klas, naast een drietal Amerikanen, en Engelsen, Duitsers, Italianen en studenten uit Singapore en Japan. Machtig interessant om te zien hoe die met elkaar en met Nederlandse studenten in discussie gaan. We hebben de cursus afgesloten met een bezoek aan het KIM, een rondleiding door Zr.Ms. De Zeven Provinciën en een borrel in de Marineclub.
Maar ja, de voertaal van mijn vak is Engels. Het onderwijs aan buitenlandse studenten staat onder druk. Eind januari was daarover een debat in de Tweede Kamer met minister Dijkgraaf van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap. De kritiek richtte zich vooral op de kosten (uiteraard), op het feit dat er te veel (en te slecht) Engels zou worden gesproken en dat de kennis die buitenlandse studenten in Nederland opdoen zou wegvloeien naar het buitenland. Toch valt bij die kritiek wel wat te zeggen.
Onderwijs aan buitenlandse studenten is een vorm van soft power. De term is uitgevonden door de Amerikaanse politicoloog Joseph Nye. Hij zegt dat macht niet alleen tot uiting komt in zichtbare kenmerken zoals omvang van de bevolking, grondgebied, militaire macht of omvang van de economie. Dat is hard power. Soft power is framing of agendasetting; daaronder vallen maatregelen waardoor de voorkeuren van anderen onhaalbaar, irrelevant of buitenissig lijken. En soft power is ook het vermogen om de voorkeuren van anderen zodanig te beïnvloeden dat zij ook willen wat jij wil. Denk aan overtuigingskracht en het opwekken van positieve gevoelens bij anderen als het gaat om dingen die jij belangrijk vindt. Soft power heeft niet het onmiddellijke effect dat je vaak bij geweldgebruik of economische sanctiemaatregelen ziet. Het is beïnvloeding op de lange termijn.
'Soft power is het vermogen om de voorkeuren van anderen zodanig te beïnvloeden dat zij ook willen wat jij wil'
Dat is in feite ook wat er in een klas buitenlandse studenten in Nederland gebeurt. Als het onderwijs een beetje succesvol is, heb je als docent de kans om een aantal kansrijke jonge mensen een tijdje een goed gevoel over Nederland te bezorgen. Amerikanen weten dat drommels goed. Zij hebben van oudsher ook programma’s die jonge mensen in staat stellen in een paar weken kennis te maken met de Verenigde Staten. En hun niet alleen de goede, maar ook de meer negatieve dingen te laten zien. Het gevoel dat je als deelnemer aan zo’n programma overhoudt blijft je voor altijd bij.
Dat brengt mij terug bij mijn vak in Leiden, opgedragen door de KVMO. Natuurlijk, het is een gewone cursus als alle andere. Maar toch, er zijn ieder jaar altijd weer een paar studenten – Nederlandse en buitenlandse – die er een goede herinnering aan overhouden. Je weet niet in welke positie ze ooit terecht zullen komen. En als ons land dan een gunstig plekje houdt in hun herinnering … Dan is dat mooi meegenomen.
Prof. dr. Theo Brinkel was tot 2025 KVMO hoogleraar Militair-maatschappelijke studies aan de Universiteit Leiden.


