Droommachine

Ondertitel

In juli 1988 zat ik als jonge kanonnier en Reserveoffiziersanwärter bij de Bundeswehr tijdens de Vierdaagse in Nijmegen met mijn Duitse kameraden een bier te drinken toen onze bataljonscommandeur een telefoontje kreeg. Na aandachtig te luisteren, alleen onderbroken door een enkel ‘ja’ en korte vragen, hing hij op, draaide zich om en de eerste die hij in de ogen keek was ik. Ik zie nog steeds zijn blij gezicht voor me en hoor zijn woorden die hij als eerste sprak: ‘Noll, laat je kistjes aan. Je vliegt mee.’ Daarna liep hij weg.

 

Later bleek dat de Duitse landmacht zijn verzoek heeft ingewilligd om met twee Sikorsky CH-53 naar Noorwegen te vliegen, alwaar we met 30 man aan een mars in het gebergte op de grens van Noorwegen en Zweden gingen deelnemen.

Eind augustus van dat jaar was het dan zover. Wij verplaatsten naar Rheine, vlak bij de Nederlandse grens, en gingen met uitrusting en een Volkswagen pick-up busje de machtige laadruimte in. Om de haverklap moesten we echter tussenlanden om bij te tanken. Desondanks vorderde de vlucht rap richting het noordelijkste punt van Denemarken, vanwaar we het Skagerrak overstaken richting Oslo. Vanaf daar ging het in een rechte lijn richting Trondheim, we wilden een beetje sightseeing, en verder naar het grensgebied. 

De CH-53 heeft aan de zijkant een klapdeur, die het mogelijk maakt dat men tijdens de vlucht de bovenkant kan openen en er al steunend op het onderdeel naar buiten tuurt. Om en om stonden we met verbazing naar het natuurschoon dat zich onder ons ontvouwde te kijken en genoten we van de reeën, herten en elanden die we onder ons zagen wegstuiven.


Een helikopter is meer dan een vliegtuig. Het is een droommachine.


Wat volgde waren vier indrukwekkende dagen in het bergachtige gebied van Stiklestad. De Noorse kameraden hadden voor ons tenten met houtkachels opgezet en dat bleek hard nodig. De week voor we kwamen was al de eerste sneeuw gevallen, maar juist de vier dagen dat we er waren was het kwik alweer naar 25 graden gesneld. Overdag dan, ’s nachts was het steenkoud. We liepen de Sagamarsjen – min of meer in formatie – op bemoste paden langs glinsterende meren en bruisende watervallen. In de avond dronken we ons bier met de andere delegaties en voerden we lange gesprekken over ons werk, de Koude Oorlog en de uitdagingen die onze Noorse vrienden in de winter hadden als zij bij min 30 graden en kouder oefenden.

Het afscheid viel dan ook niet makkelijk. We hadden door een sprookjesachtig landschap gewandeld, vrienden gemaakt en veel indrukken opgedaan die ik nog steeds levendig voor ogen heb. Dat kwam ook doordat de piloten een bijzondere traktatie voor ons hadden. Het bleek dat de CH-53 alleen ter beschikking werden gesteld, omdat de piloten moesten oefenen om door de fjorden van Noorwegen te vliegen. En dat hebben ze gedaan ook. We vlogen via Trondheim en Kristiansund naar Bergen en Stavanger. We vlogen hoog en laag door de fjorden, hupten over bergtoppen en zagen onder ons de stranden en zalmkwekerijen. Bij Krisitiansand namen we afscheid van dit prachtige land.

Ik heb sindsdien veel gevlogen, helaas nooit meer met een helikopter. Ik ben voor de baas en privé naar de mooiste oorden ter wereld gereisd, maar weinig staat me zo levendig voor ogen als deze reis in augustus 1988. Een helikopter is meer dan een vliegtuig. Het is een droommachine. 

 

Meer columns van Jörg Noll

 

Dr. J.E. (Jörg) Noll (1967) is politicoloog en luitenant-kolonel (r) bij de Bundeswehr. Sinds 2007 is hij universitair hoofddocent Internationale Conflictstudies aan de Nederlandse Defensie Academie (NLDA).

Colofon

Aanleveren kopij

Archivering

Adverteren

Neem contact op

marineblad beeldmerk

 

Koninginnegracht 19
2514 AB  Den Haag

kvmo uitgave