Capaciteit ligt niet meer op het hakblok
Voor u ligt het tweede themanummer van dit 135ste jaargang. Nadat onze maarteditie de horizon van de mijnenbestrijding heeft verkend, is in deze editie het woord aan de eenheid Groot Bovenwater (GBW). Een themanummer dat, zoals gastcolumnist en groepscommandant GBW KTZ Schipper verder toelicht, vanzelfsprekend en net als de vorige special gericht is op de (nabije) toekomst.
Vanzelfsprekend, omdat GBW voor de komende jaren vele projecten op de rol heeft staan. Toch wil ik heel kort stilstaan bij hoe we nu eigenlijk in een situatie beland zijn, waarbij in een tijdsbestek van een aantal jaar vrijwel de complete bovenwatervloot (alsook de onderwatervloot) vervangen moet worden. Hoezeer we niet te lang moeten stilstaan bij de kaalslag op de krijgsmacht en de marine inzake het opeten van het vredesdividend, is het ook niet juist hier helemaal niet op te reflecteren. Want of je er nu van links of van rechts naar kijkt, die kaalslag is wel de grondoorzaak van de situatie waar de vloot zich nu in bevindt. De bezuinigingsrondes uit de eerste twee decennia van deze eeuw, hebben vooral uitstelgedrag veroorzaakt. ‘We nemen nog even geen besluit, want nu een besluit nemen leidt tot weer een capaciteit op het hakblok.’ Vanuit dat perspectief best een logische redenering, maar we zitten nu wel met een enorme uitdaging.
De vraag is dan ook of we hier als Nederland nu een collectieve les in hebben geleerd. Ik durf wel te stellen dat er regelmatig gewaarschuwd is voor de gevolgen van wegbezuiniging. In ieder geval door mijn voorgangers in het publieke domein, maar ook door velen van u intern op het Ministerie van Defensie. Het waarschuwen over de staat van de vloot gaat al terug naar de tijd van Tromp en De Ruyter.
Met het borgen van de tweeprocentnorm van het Bruto Binnenlands Product, met zicht op drieënhalf tot vijf procent – zoals recent is ingezet door de Secretaris-Generaal van de NAVO –, is ruimte ontstaan voor het weer op orde brengen van een op haar taak berekende zeemacht. Een enorme uitdaging waarvan ik in ieder geval het vertrouwen heb dat we daar samen toe komen. Want ook dat hebben we in het verleden aangetoond te kunnen.
Meer columns van Joris ten Berg
KLTZ (LD) Joris ten Berg is voorzitter van de Koninklijke Vereniging van Marineofficieren. Zijn columns vormen het voorwoord op het Marineblad.


